(EN) BASISOPLEIDING TOT BEWEGINGSCONSULENT

BEWEGINGSCONSULENT?

Naast kennis en specifieke vaardigheden is een bepaalde attitude nodig om als Bewegingsconsulent te functioneren. Het is niet zo eenvoudig om de patiënt als een actiënt te laten functioneren. Om de nadruk te leggen op de nodige veranderingen in de thuistijd. Tevens in de werk-, de hoby- en de sporttijd. Bij chronische patiënten komt het zelf kunnen uitvoeren van 'juist' gevormde bewegingen als een centraal gegeven. 

Waar vroeger cursus werd gegeven aan 'een groep', geven we nu de voorkeur aan wat we MEERleerSESSIES noemen. Aan maximum twee collegae en dat voor drie uur gaan we aan de slag met een vooraf duidelijk bepaald toppic. Bv Tenniselleboog. Telkens is een veldenmodel de basis om in de theorie in de praktijk om te zetten.

AAN DE SLAG MET DE PATIËNT, NIET MET HET 'LETSEL'

Eens het veldenmodel besproken met de patiënt (wij noemen hem liever actiënt) en er samen een eendrachtige strategie werd ontwikkeld, blijven er voor gelokaliseerde weefselbeschadigingen niet zoveel mogelijkheden over. Het beleid is gestoeld op voorkomen van letselprogressie en recidive. De patiënt wordt nu werkelijk gezien als de kern van de situatie. Hij voelt dat dan ook. Enkel hij, en dan nog wel in zijn thuistijd, kan zorgen voor snel en adequaat herstel. Hij dient echter wel te leren hoe dat in zijn werk gaat, praktisch. 

Samen met de patiënt wordt, aan de hand van een specifiek boekje, de stap gezet van weefselbeschadiging gekoppeld aan pijn (logisch voor de patiënt) naar pijn als gevolg van over- dan wel onderbelasting. Dit boekje wordt verder gebruikt om, per sessie, het beleid om te zetten in eenvoudige thuisopdrachten. Eenvoudig voor de patiënt, voor de kinesitherapeut / bewegingsconsulent en de arts die de inspanningen van de patiënt kan volgen.

Onze ervaring leert ons dat negentig procent van de problematiek dan kan worden gedekt door een beperkt aantal ‘labels’. 

Klassiek zijn enkelletsels. Verder natuurlijk ook elleboogklachten en schouderklachten. Er zijn wel knieklachten en knieklachten. Hiervoor werden twee boekjes ontwikkeld, één voor die klachten gekoppeld aan het steunend (on)vermogen van een knie: knie steunapparaat. Eén aan het strekkend (on)vermogen van een knie: knie-strekapparaat. Ook voor lagerugklachten zijn er twee ‘versies’. Enerzijds dié rugklachten die eerder gekoppeld zijn aan tillen en zitten (we noemen ze flexiegeprovoceerde rugklachten), anderzijds dié rugklachten uitgelokt eerder door staan en gaan (extensiegeprovoceerde rugklachten). De opdeling? Die komt zo uit het kine-veldenmodel naar voor. Idem voor nekklachten, ook hier weer een zelfde opdeling, flexie- of extensiegeprovoceerd. 

Deze negen boekjes worden aangevuld met een boekje ter begeleiding van patiënten, sorry actiënten, met spierklachten en met twee boekjes waarin zo goed als alle ‘oefeningen’ werden opgenomen. Eén met rekoefeningen, één met versterkingoefeningen. Het laatste staat toe de progressie van de medische trainingstherapie te noteren en op te volgen.

Een laatste boekje, we noemen het blanco, brengt enkel het kader zodat je het kan aanvullen voor de eerder zeldzame andere lokale klachten. Steeds kan op een eenvoudige wijze worden genoteerd wat de patiënt te doen staat of te laten valt in zijn of haar thuistijd. Je kan een blanco boekje aanvragen via mail naar jan@beweging.org.

Meer praktische info onder het laatste tabblad OPLEIDINGEN. 

ALLE STUKJES HANGEN AAN ELKAAR: PODOLOGIE

Een lokaal letsel breidt zich uit via biomechanische ketens: de mogelijkheden van podologie

Podologie is een belangrijk hulpmiddel om de houding van de patiënt passief te corrigeren. Podologie is zeer geschikt om de relatie tussen de verschillende lokale elementen te beïnvloeden en aan te pakken. De problematiek van bv. nekklachten is vaak functie van de vorm en de functionele mogelijkheden van de voet. De hoofdhouding op haar beurt (volgt het hoofd de ogen of blijft het hoofd in relatie met de romp?) heeft vaak ook een invloed op de vorm en de functiemogelijkheden van de voeten.

De aandoeningen van het houdings- en bewegingsapparaat boven de voet en die aan de voet zijn zeer belangrijk. De relatie tussen de voeten en de rest van het lichaam is fundamenteel. Dit niet enkel statisch, zeker ook dynamisch. 

Hier iets daw we jaren geleden schreven voor de Amerikaanse Alexander teachers:

_plantar fascia-alexander nederlands.pdf

ARTIKEL PLANTAIRE FASCIA

Meer praktische info onder het laatste tabblad OPLEIDINGEN.

 

“© copyright – Jan b Eyskens – 2014”